ECLI:NL:RBNHO:2018:4471
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.J. van Brussel
- J.M. Janse van Mantgem
- S.M. Auwerda
- Rechtspraak.nl
Verzoek om tegemoetkoming in planschade door wijziging bestemmingsplan Bergen Dorpskern Zuid
Eiser, eigenaar van een perceel in Bergen, verzoekt om tegemoetkoming in planschade als gevolg van het nieuwe bestemmingsplan 'Bergen, Dorpskern Zuid'. Verweerder wijst het verzoek af op advies van Ten Have Advies, die stelt dat het nieuwe bestemmingsplan planologisch voordeliger is. Eiser overlegt contra-expertises die een planologisch nadeel aantonen. De rechtbank oordeelt dat verweerder de advisering van Ten Have terecht aan zijn besluit ten grondslag heeft gelegd, ondanks gebreken in de bezwaarprocedure die echter niet tot nadeel van eiser hebben geleid.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn door wraking en verlenging is opgerekt tot 54 weken, waardoor verweerder tijdig heeft beslist en geen dwangsommen zijn verbeurd. Tevens is het beroep tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang. Juridisch wordt vastgesteld dat het perceel als hoekterrein moet worden aangemerkt, waardoor onder het oude bestemmingsplan geen uitbreidingsmogelijkheden bestonden, hetgeen een planologisch voordeel oplevert onder het nieuwe plan.
De rechtbank volgt Ten Have in haar oordeel dat de planologische nadelen gering zijn en niet leiden tot planschade. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van eiser, evenals een schadevergoeding van €1.000 wegens overschrijding van de redelijke termijn door de rechtbank.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot afwijzing van de tegemoetkoming in planschade wordt ongegrond verklaard en de Staat wordt veroordeeld tot vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding redelijke termijn.