ECLI:NL:RBNHO:2018:8718
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.A. Onderwater
- M.H.L.C. Bijvoet
- W.M.C. Schipper
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van douanewaarde bij vrijgave alumina en toepassing artikel 347 UVo
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een uitnodiging tot betaling van douanerechten van €323.675,04, omdat zij meent dat de douanewaarde onjuist is vastgesteld. Zij stelt dat de douanewaarde gebaseerd had moeten worden op de transactie tussen [E] en [A], in plaats van tussen [A] en [C].
De rechtbank stelt vast dat de transactie tussen [A] en [C] voldoet aan artikel 128 van Pro de Uitvoeringsverordening (UVo) als de laatste transactie voorafgaand aan invoer. Tevens is de aangifte gedaan op 8 juni 2016 en zijn de goederen op 9 juni 2016 vrijgegeven. Volgens artikel 173, tweede lid, van het Douanewetboek van de Unie (DWU) is wijziging van de aangifte na vrijgave niet meer mogelijk.
De rechtbank oordeelt dat het beroep ongegrond is omdat de douanewaarde correct is vastgesteld en de wijziging van de aangifte niet meer toegestaan is. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Noord-Holland op 12 oktober 2018.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de douanewaarde wordt bevestigd op basis van de transactie tussen [A] en [C].