ECLI:NL:RBNHO:2018:9584
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.M. van Dam
- Rechtspraak.nl
Vastgelopen omgangsregeling en zorg- en gezagsbeslissing in belang minderjarigen
De rechtbank Noord-Holland behandelde een zaak over een vastgelopen omgangsregeling tussen een vader en zijn twee minderjarige kinderen. Ondanks diverse hulpverleningspogingen en een geadviseerd psychiatrisch gezinsonderzoek, kwam er geen verbetering in het contact, vooral met de oudste minderjarige die sinds mei 2017 geen contact meer heeft met de vader.
De rechtbank constateerde dat het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) geen verwijzing kon verzorgen voor het psychiatrisch gezinsonderzoek en dat de hulpverlening niet van de grond is gekomen. Beide ouders willen de kinderen niet dwingen contact te hebben met de vader. De jongste minderjarige onderhoudt inmiddels wekelijks contact met de vader.
De rechtbank oordeelde dat een gedwongen onderzoek of ondertoezichtstelling niet in het belang van de kinderen zou zijn en achtte het beter rust te laten ontstaan. De zorgregeling voor de jongste minderjarige werd aangepast zodat hij minimaal één dagdeel per week bij de vader verblijft. Het verzoek van de moeder om het gezamenlijk gezag te beëindigen en haar eenhoofdig gezag te geven werd afgewezen, omdat het gezamenlijk gezag in het belang van de kinderen is en de vader een rol moet blijven spelen.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door hoger beroep.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt de zorgregeling voor de jongste minderjarige en wijst het verzoek tot eenhoofdig gezag af.