Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Verloop van de procedure
2.Feiten en omstandigheden
3.Verzoek
4.Beoordeling
5.Beslissing
[gemeente] .
Rechtbank Noord-Holland
Verzoekers, een gehuwd stel met verblijfplaats in Nederland, hebben de rechtbank verzocht om erkenning van de adoptie van twee minderjarige jongens uit Lesotho, die zij hebben geadopteerd na het overlijden van de biologische moeder en het ontbreken van de biologische vader. De adoptie is volgens het recht van Lesotho tot stand gekomen en betreft een zogenaamde 'Full adoption', waarbij de banden met de biologische ouders worden verbroken.
De rechtbank toetst de erkenning op grond van artikel 10:109 BW Pro en het Haags Adoptieverdrag, en concludeert dat de adoptie voldoet aan de voorwaarden voor erkenning in Nederland. De rechtbank wijst het verzoek tot omzetting van de adoptie naar Nederlands recht af, omdat de adoptie uit Lesotho reeds een sterke adoptie betreft.
Daarnaast wordt het verzoek tot inschrijving van de geboorteakten van de minderjarigen in de Nederlandse registers toegewezen, evenals het verzoek tot wijziging van voornamen en erkenning van de geslachtsnaam. De rechtbank gelast de ambtenaar van de burgerlijke stand tot inschrijving en latere vermelding van de adoptie, en draagt zorg voor aantekening in het gezagsregister.
De beschikking is gegeven door rechter M.A.J. Berkers en griffier A.M. Bergen en is openbaar uitgesproken op 18 december 2019. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam binnen drie maanden.
Uitkomst: De rechtbank erkent de adoptie uit Lesotho, wijst inschrijving van geboorteakten en naamswijziging toe en bevestigt dat sprake is van een sterke adoptie.