ECLI:NL:RBNHO:2019:10307
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit omgevingsvergunning erfafscheiding wegens ontbreken belanghebbende
Eisers vroegen en ontvingen een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een semi-transparante erfafscheiding van 1,80 tot 2,00 meter hoog, die begroeid zal worden met klimop. Derde-partij maakte bezwaar tegen deze vergunning vanwege de hoogte, stellende dat deze niet hoger dan 1,00 meter mocht zijn. Verweerder verklaarde het bezwaar gegrond en herrolde het primaire besluit.
Eisers stelden dat het bezwaar te laat was ingediend en dat derde-partij geen belanghebbende was omdat de erfafscheiding geen gevolgen van betekenis voor hem had. De rechtbank oordeelde dat het bezwaar tijdig was ingediend via een e-mail die als bezwaarschrift had moeten worden aangemerkt, maar dat derde-partij ten onrechte als belanghebbende was aangemerkt.
De rechtbank motiveerde dat hoewel derde-partij zicht heeft op de erfafscheiding vanaf de hogere verdiepingen, de afstand, de tussenliggende parkeerplaats en garageboxen en het groene karakter van de erfafscheiding leiden tot geen gevolgen van enige betekenis. Bovendien was het bezwaar gebaseerd op een principieel belang, wat onvoldoende is voor ontvankelijkheid.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en verklaarde het bezwaar van derde-partij niet-ontvankelijk. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het bezwaar van derde-partij niet-ontvankelijk verklaard.