Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
- het vuurwapen niet op [slachtoffer] heeft gericht;
- niet om geld heeft gevraagd en
- niet gericht op [slachtoffer] heeft geschoten (omdat het wapen bij de door het handelen van aangever ontstane schermutseling tussen verdachte en aangever tweemaal is afgegaan).
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
8.Vordering tot tenuitvoerlegging
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
8 (acht) jaren.
[slachtoffer]geleden schade tot een bedrag van
€ 8.240,20, bestaande uit € 740,20 als vergoeding voor de materiële en € 7.500,- als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf
76 dagenhechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft en bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 januari 2019 tot aan de dag der algehele voldoening.