Outpost had een leaseauto ter beschikking gesteld aan haar werknemer [naam 1], die betrokken raakte bij een verkeersongeval. De leaseauto was WA- en casco verzekerd, maar niet gedekt door een Schade In- en Opzittendenverzekering (SVI). [naam 1] stelde Outpost aansprakelijk wegens het ontbreken van een adequate verzekering. Outpost stelde vervolgens Lands Advies, haar assurantietussenpersoon, aansprakelijk voor het niet adviseren over een dergelijke verzekering.
Nationale-Nederlanden (NN), als verzekeraar van Outpost, trad op als gesubrogeerde partij en vorderde vergoeding van de door haar aan [naam 1] uitgekeerde schade. Lands Advies voerde verweer dat zij niet op de hoogte was van de leaseauto’s en dat de verantwoordelijkheid voor het afsluiten van de autoverzekeringen bij Outpost en de leasemaatschappij lag.
De rechtbank overwoog dat de zorgplicht van Lands Advies beperkt was tot de verzekeringen binnen haar portefeuille en dat zij niet gehouden was buiten die portefeuille navraag te doen over verzekeringen die elders waren afgesloten. Gezien de omstandigheden en de tijdsgeest was het niet redelijk te verwachten dat Lands Advies Outpost adviseerde over een SVI of WEGAM-verzekering.
Daarom werd geoordeeld dat Lands Advies niet toerekenbaar tekort is geschoten en de vordering van NN werd afgewezen. NN werd veroordeeld in de proceskosten.