De rechtbank Noord-Holland behandelde een vordering van de curator van het faillissement van Danzo B.V. tegen voormalig bestuurders W&IN en [gedaagde sub 2]. De curator vorderde betaling van zijn salaris, omdat de voormalige bestuurders selectieve betalingen hadden verricht die de boedel hadden benadeeld.
De rechtbank stelde vast dat W&IN en [gedaagde sub 2] hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schade uit hoofde van een onrechtmatige daad, zoals eerder vastgesteld in een vonnis uit 2012. Ondanks dat W&IN buiten de boedel om schikkingen trof met schuldeisers, blijft de curator bevoegd om namens de boedel op te treden en zijn vordering te handhaven.
De rechtbank verwierp het verweer dat er geen causaal verband is tussen de onrechtmatige betalingen en het boedeltekort. De schade werd vastgesteld op maximaal €103.560, verminderd met het gerealiseerde boedelactief van €18.284,02. Verrekening van vorderingen werd afgewezen omdat de vorderingen in verschillende vermogens vallen.
De rechtbank veroordeelde W&IN en [gedaagde sub 2] hoofdelijk tot betaling van het curatorssalaris tot een maximum van €103.560,-- verminderd met het boedelactief, alsmede in proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.