Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 oktober 2019 in de zaak tussen
Stichting Humanitas Inkomensbeheer, in de hoedanigheid van bewindvoerder van
eiser
,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer,
Procesverloop
Overwegingen
Eiser voert in beroep aan dat in het bestreden besluit ten onrechte wordt gesteld dat de transitievergoeding moet worden gezien als inkomen. Op zich is het juist dat de oude ontslagvergoeding van voor 1 juli 2015 als inkomen werd gezien, bestemd om te voorzien in de noodzakelijke kosten van bestaan voor de periode na ontbinding van de arbeidsovereenkomst. De transactievergoeding heeft echter een geheel ander karakter. Deze vergoeding is enerzijds bedoeld als compensatie voor ontslag, maar anderzijds ook om de overgang naar betaald werk te vergemakkelijken. Bovendien kan de werkgever kosten voor scholing of outplacement in mindering brengen op de transitievergoeding. Reden waarom de transitievergoeding niet bedoeld is ter voorziening in het levensonderhoud voor de periode na het eindigen van de arbeidsovereenkomst.
Eiser heeft bovendien verwezen naar de Nota naar aanleiding van het verslag aangaande het wetsvoorstel Wet werk en zekerheid (TK 2013-2014, 33818, nr. 7, p. 70), waarin is opgenomen dat de transactievergoeding volgens de wetgever expliciet geen inkomensvoorziening omhelst.
dat de transitievergoeding niet beschouwd dient te worden als aanvullende inkomensvoorzieningvoortvloeit dat de transitievergoeding niet dient te worden beschouwd als
inkomen.
Ook voor hen geldt, net als voor andere (al dan niet gedeeltelijk arbeidsongeschikte) werknemers, dat de vergoeding dient als compensatie voor (de gevolgen van) ontslag en bijvoorbeeld ook kan worden aangewend voor (tijdelijke) compensatie van verlies aan inkomen dat met ontslag gepaard kan gaan.
Beslissing
mr. I. Boland, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 4 oktober 2019.