Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 december 2020 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
N. Joacim, griffier. Deze uitspraak is gedaan op 11 december 2020.
Rechtbank Noord-Holland
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een uitspraak op bezwaar inzake de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 2017. De gemachtigde van eiser, die geen advocaat is, heeft nagelaten een machtiging te overleggen waaruit blijkt dat hij bevoegd is om namens eiser het beroep in te stellen. De rechtbank heeft de gemachtigde hiertoe meerdere malen verzocht, met een termijn om het verzuim te herstellen.
Ondanks uitstelverzoek en meerdere aanmaningen is geen machtiging binnen de gestelde termijn ingediend. Eiser heeft geen verontschuldiging gegeven voor het niet nakomen van deze verplichting. Op grond van artikel 8:24 lid 2 en Pro artikel 6:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kan de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verklaren als het verzuim niet wordt hersteld.
De rechtbank oordeelt dat het beroep daarom niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting vanwege coronamaatregelen en kan binnen zes weken worden bestreden door verzet.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een machtiging van de gemachtigde.