ECLI:NL:RBNHO:2020:10870
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling huurachterstand en incassokosten na beëindiging huurovereenkomst onzelfstandige woonruimte
Eiser verhuurde sinds november 2015 een onzelfstandige woonruimte aan gedaagde voor €465,72 per maand. Gedaagde betaalde borg van €440,00 en beëindigde de huurovereenkomst in oktober 2018. Eiser vorderde betaling van €1.572,59 wegens huurachterstand en incassokosten.
Gedaagde betwist de vordering, stelt dat hij de woning in oktober heeft opgezegd en dat de huurachterstand vóór opzegging met de borg is verrekend. De kantonrechter oordeelt dat de borgsom is verrekend met de huurachterstand tot oktober 2018 en wijst dat deel van de vordering af wegens onvoldoende onderbouwing.
Verder is vastgesteld dat gedaagde niet per aangetekende brief heeft opgezegd maar per e-mail op 26 november 2018, wat eiser niet betwist. Met een maand opzegtermijn eindigde de huurovereenkomst op 31 december 2018, waardoor gedaagde huur over november en december 2018 verschuldigd is. De kantonrechter veroordeelt gedaagde tot betaling van €931,44 huur plus €169,06 incassokosten en wettelijke rente vanaf 28 mei 2020. Partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van huurachterstand en incassokosten over november en december 2018, met wettelijke rente, en draagt eigen proceskosten.