ECLI:NL:RBNHO:2020:11762
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen vastgestelde WOZ-waarde woning in Heemskerk
Eiser betwistte de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning in Heemskerk, waardepeildatum 1 januari 2018, en stelde dat de waarde te hoog was vastgesteld op € 283.000. Hij voerde aan dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met het gewogen gemiddelde van de kubieke meterprijs van referentiewoningen, de onderhoudstoestand van een referentieobject, de waardering van voorzieningen en de aanwezigheid van een brandgang op het perceel.
Verweerder stelde dat de waarde correct was vastgesteld en onderbouwde dit met een taxatierapport en waardematrix, waarin vergelijkingsobjecten met nagenoeg dezelfde inhoud, perceeloppervlakte, kwaliteit en bouwjaar waren opgenomen. De inpandige opname van de woning bevestigde een gemiddelde onderhoudstoestand en bovengemiddelde voorzieningen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zijn bewijslast had voldaan en dat de gehanteerde vergelijkingsobjecten passend waren. De aanwezigheid van een brandgang was gebruikelijk in de gemeente en was voldoende in de waarde verdisconteerd. De hogere waardering van voorzieningen verklaarde de hogere kubieke meterprijs. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van € 283.000 wordt ongegrond verklaard.