ECLI:NL:RBNHO:2020:1599
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling of product als limonade valt onder verbruiksbelasting alcoholvrije dranken
De zaak betreft de vraag of een product, omschreven als mineraalwater met toegevoegde suikers en aroma's, moet worden aangemerkt als limonade in de zin van artikel 9 van Pro de Wet op de verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken (WVB). Eiseres stelde dat het product een voedingssupplement is en daarom vrijgesteld zou moeten worden van verbruiksbelasting. De rechtbank overweegt dat de wetgever alleen medicinale dranken heeft willen uitsluiten van verbruiksbelasting, niet voedingssupplementen.
Het product voldoet weliswaar aan de letterlijke definitie van limonade, bestaat uit water en vruchtensapconcentraten en wordt verkocht voor een relatief hoge prijs. Echter, het dorstlessende karakter of de concurrentiepositie met andere producten zijn volgens de rechtbank geen zelfstandige criteria om het product buiten de reikwijdte van de WVB te plaatsen. De rechtbank stelt vast dat het product geen medicinale bestanddelen bevat en onvoldoende is onderbouwd dat het een medicinale werking heeft.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de aanslag verbruiksbelasting. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag verbruiksbelasting wordt gehandhaafd.