ECLI:NL:RBNHO:2020:2542
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen korting bijstandsuitkering kostendelersnorm
Verzoekster maakte bezwaar tegen een korting op haar bijstandsuitkering die sinds december 2019 werd toegepast vanwege de kostendelersnorm. Zij vorderde een voorlopige voorziening om de korting te schorsen en de volledige uitkering te ontvangen totdat haar bezwaar onherroepelijk is beslist.
De voorzieningenrechter overwoog dat een financieel belang op zichzelf geen spoedeisend belang oplevert en dat alleen een acute financiële noodsituatie aanleiding geeft tot het treffen van een voorlopige voorziening. Verzoekster had weliswaar een lagere uitkering, maar beschikte nog over een uitkering naar de norm van een driepersoonshuishouding met een korting van 5%.
Verzoekster kon geen concrete en verifieerbare stukken overleggen waaruit een acute noodsituatie bleek, zoals dreigende uithuisplaatsing of afsluiting van nutsvoorzieningen. De voorzieningenrechter zag geen aanleiding om aan de juistheid van de toepassing van de kostendelersnorm te twijfelen.
Daarom concludeerde de voorzieningenrechter dat het spoedeisend belang ontbrak en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de korting op de bijstandsuitkering wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.