ECLI:NL:RBNHO:2020:2927
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid bezwaar tegen BPM-betaling wegens termijnoverschrijding
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de betaling van BPM voor een geregistreerde Saab 9-3 Cabrio, maar dit bezwaar werd door de Belastingdienst niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn. Eiseres stelde dat zij niet op de hoogte was van de datum van betaling en dat zij onterecht niet gehoord was voorafgaand aan de beslissing op bezwaar.
De rechtbank oordeelde dat de bezwaartermijn van zes weken begon op de dag na de betaling (12 maart 2018), en dat het bezwaarschrift op 22 mei 2018 werd ontvangen, wat te laat was. De stelling van eiseres dat zij niet in verzuim was omdat zij de betaaldatum niet kende, werd verworpen omdat het haar verantwoordelijkheid was om dit na te vragen.
Verder werd vastgesteld dat verweerder een hoorgesprek had gehouden met de gemachtigde van eiseres, die echter weigerde verder in gesprek te gaan over de overige dossiers. Dit werd gezien als afstand doen van het recht om gehoord te worden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en een proceskostenvergoeding werd niet toegekend.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de BPM-betaling is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn; het beroep is ongegrond.