Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
- de dagvaarding
- de akte tot wijzing van eis
- de mondelinge behandeling.
Rechtbank Noord-Holland
Partijen hadden een affectieve relatie en woonden samen in een gemeenschappelijke woning. Na beëindiging van de relatie verliet de vrouw de woning, maar de man bleef er wonen. De vrouw vorderde in kort geding dat de man meewerkt aan de verkoop van de woning, omdat de man zijn verplichtingen uit een vaststellingsovereenkomst niet nakwam, waaronder het inlopen van een hypotheekachterstand en medewerking aan verkoop.
De man erkende dat de woning verkocht moest worden maar gaf aan nog geen vervangende woonruimte te hebben en wachtte op een regeling met de bank. De vrouw stelde dat de man zijn medewerking onthield en dat de hypotheekachterstand opliep, waardoor een executieveiling dreigde.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de vrouw een spoedeisend belang had en dat de man zijn verplichtingen uit de vaststellingsovereenkomst niet was nagekomen. De man werd veroordeeld om binnen twee dagen na betekening medewerking te verlenen aan de verkoop en bij niet-nakoming binnen drie weken de woning binnen twee maanden te ontruimen. Tevens werd bepaald dat het vonnis in de plaats treedt van de toestemming van de man bij de koop- en leveringsovereenkomst. De opbrengst van de woning wordt gelijk verdeeld en de man moet de betalingsafspraken nakomen. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De man wordt veroordeeld tot medewerking aan verkoop en ontruiming van de woning bij niet-nakoming binnen drie weken.