ECLI:NL:RBNHO:2020:3891
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek proceskosten na intrekking beroep wegens tegemoetkoming bestuursorgaan
Eiseres had een verzoek om kwijtschelding van haar schuld ingediend bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, dat bij een besluit van 25 juni 2018 werd afgewezen. Na bezwaar verklaarde verweerder dit ongegrond bij besluit van 30 januari 2019. Eiseres stelde beroep in tegen dit besluit. Tijdens de procedure kwam verweerder gedeeltelijk tegemoet aan eiseres, waarna zij haar beroep introk.
Gelijktijdig met de intrekking verzocht eiseres om verweerder te veroordelen in de proceskosten van zowel de bezwaar- als de beroepsprocedure op grond van artikel 8:75a Awb. Verweerder reageerde niet op het verzoek. De rechtbank besloot het onderzoek te sluiten en overwoog dat het verzoek toewijsbaar was omdat de intrekking van het beroep het gevolg was van tegemoetkoming door verweerder.
De rechtbank stelde het bedrag van de proceskosten vast op €1050,- voor de beroepsfase en €47,- griffierecht, en veroordeelde verweerder tot vergoeding van deze kosten. De uitspraak werd gedaan door rechter L.M. Kos op 20 mei 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €1050,- en het griffierecht van €47,-.