ECLI:NL:RBNHO:2020:4914
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- J.M. Janse van Mantgem
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek voorlopige voorziening intrekking parkeervergunning
Verzoekster had een parkeervergunning voor een bepaalde zone die door het college van burgemeester en wethouders van Haarlem op 18 maart 2019 werd ingetrokken. Zij stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar tegen deze intrekking. Nadat het bezwaar op 19 december 2019 ongegrond werd verklaard en een dwangsom werd toegekend, verzocht verzoekster om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht een voorlopige voorziening alleen kan worden getroffen als er een lopend beroep is tegen hetzelfde besluit. Omdat de rechtbank inmiddels uitspraak had gedaan op het bodemberoep, was het connexiteitsvereiste niet meer vervuld.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. De uitspraak werd gedaan door de voorzieningenrechter J.M. Janse van Mantgem op 24 juni 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen intrekking parkeervergunning is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken connexiteit.