ECLI:NL:RBNHO:2020:5112
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening voor aanwijzing andere bezwaarbehandelaar
Verzoekster, een BV, maakte bezwaar tegen een aanslag vennootschapsbelasting 2015 en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen door een andere bezwaarbehandelaar aan te wijzen. Zij stelde dat de huidige bezwaarbehandelaar niet onafhankelijk is en in strijd handelt met de Awb en het EVRM, mede vanwege vermeende vooringenomenheid en aangiftes tegen hem.
De voorzieningenrechter oordeelde dat aan het formele en materiële connexiteitsvereiste was voldaan, waardoor de voorlopige voorziening kon worden beoordeeld. Uit het dossier bleek echter dat de bezwaarbehandelaar niet betrokken was bij het oorspronkelijke besluit en dat er geen aanwijzingen waren voor vooringenomenheid of schending van wettelijke bepalingen.
Ook het feit dat meer dan 200 personen aangifte hadden gedaan tegen de bezwaarbehandelaar, was onvoldoende om vooringenomenheid aan te nemen. Het verzoek om een andere bezwaarbehandelaar aan te wijzen werd daarom afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken en tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Verzoek om een andere bezwaarbehandelaar aan te wijzen wordt afgewezen wegens gebrek aan bewijs van vooringenomenheid of schending van wettelijke bepalingen.