Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Procedure
- een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel van 23 januari 2020,
- de medische verklaring van 23 januari 2020,
Rechtbank Noord-Holland
De officier van justitie verzocht op 24 januari 2020 om voortzetting van een op 23 januari 2020 opgelegde crisismaatregel ten aanzien van betrokkene, die zich bevindt in een psychische crisis met suïcidale gedragingen. Tijdens de mondelinge behandeling op 27 januari 2020 werden betrokkene, haar advocaat, de psychiater, arts-assistent, mentor en moeder gehoord.
Uit de stukken en het verhandelde bleek dat betrokkene een onmiddellijke dreiging van ernstig nadeel loopt door suïcidale handelingen, veroorzaakt door een depressieve stoornis in combinatie met een borderline persoonlijkheidsstoornis. Betrokkene is sinds juli 2019 opgenomen op een crisisafdeling, maar de situatie is verslechterd ondanks opname en inbewaringstellingen.
De psychiater gaf aan dat voortzetting van de crisismaatregel niet zal bijdragen aan herstel en zelfs gecontra-indiceerd is. Betrokkene zal op 5 februari 2020 worden ontslagen en verdere hulp moet gericht zijn op meer autonomie met ambulante ondersteuning. De rechtbank oordeelde daarom dat de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel niet verleend kan worden.
Uitkomst: Verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen wegens ineffectiviteit en contra-indicatie.