Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Vorderingen benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregel
- post 1: opgesoupeerd eigen risico ziektekostenverzekering: € 385,00
- post 2: kosten huur bungalow: € 191,00
- post 3: kosten huisarts, fysio, chiropractor: € 60,00 (€ 708,83 waarvan € 648,83 is vergoed door de zorgverzekering)
- post 4: gereden kilometers politiebureau, huisarts, fysio, chiropractor, advocaat: € 217,79
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
3 (drie) jaren.
[benadeelde partij 1]geleden schade tot een bedrag van
€ 34.301,75 (vierendertigduizend driehonderdéén euro en vijfenzeventig cent, bestaande uit materiële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 23 augustus 2019 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [benadeelde partij 1] , voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.
[benadeelde partij 1]de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van
€ 34.301,75 (vierendertigduizend driehonderdéén euro en vijfenzeventig cent, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
206 dagen gijzelingen bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 23 augustus 2019 tot aan de dag der algehele voldoening. De toepassing van de gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.
[benadeelde partij 2]geleden schade tot een bedrag van
€ 3.903,99 (drieduizend negenhonderddrie euro en negenennegentig cent), bestaande uit € 403,99 als vergoeding voor de materiële en € 3.500,00 als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 13 december 2019 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [benadeelde partij 2] , voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.
[benadeelde partij 2]de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van
€ 3.903,99 (drieduizend negenhonderddrie euro en negenennegentig cent), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
49 dagen gijzelingen bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 december 2019 tot aan de dag der algehele voldoening. De toepassing van de gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.
30 juli 2020.
De persoon heeft het uiterlijk van een man. Hij draagt een donkere tot zwarte broek met een opvallende rode streep op de zijkant van het bovendeel. Hij draagt een lichtblauwe pet, een wit T-shirt en een lichtkleurige zomerjas met donkere vlakken in de kraag en langs de sluiting. Hij heeft twee plastic zakken bij zich.”
Naar aanleiding van het eerder genoemde signalement van de persoon die in de trein stapt, zijn de overige camerabeelden van het station te Haarlem bekeken waaruit bleek dat genoemde persoon reeds enige tijd op het station rondliep en kort daarvoor op een ander perron aanwezig was. Te zien is dat de man tevens een lichtblauwe pet draagt en een wit T-shirt onder zijn lichte jas draagt. Op de bewegende beelden van het perron om 20.24.52 uur is tevens een rode streep over de beenlengte aan de buitenzijde van de donkere broek te zien. Te zien is dat de persoon om 20.24.52 uur vanaf een perron naar de trap richting de tunnel onder de perrons loopt. Vervolgens is te zien dat de persoon om 20.25.05 uur vanaf de trap komt en door de tunnel onder de perrons loopt waarna de persoon om 20.25.51 uur weer vanuit de tunnel een trap naar een perron oploopt. Bij het laatstgenoemde beeld komt het gezicht van de persoon duidelijk in beeld waarbij blijkt dat deze persoon een grote gelijkenis vertoont met [verdachte] . Tevens komt de kleding die de persoon draagt overeen met de kleding waarin de [verdachte] is aangehouden en de kleding van de persoon die op 19 augustus 2019 te 23.21 uur brand sticht in een treinstel in het station te Haarlem.”
- blauwe pet;
- plastic tasje.
Ik vond dit vreemd want de trein ging bijna vertrekken en op dit station zitten mensen altijd achterin. Ik liet de man doorlopen en ik zag in de weerspiegeling van de abri opeens vlammen. Ik keek in de trein en ik zag vlammen over de vloer van ongeveer 1 meter hoog. Ik vermoedde gelijk dat de eerder genoemde man hiermee te maken had, want er zat niemand anders in de bakken. Ik heb de machinist in kennis gesteld en die heeft de trein uitgeschakeld. Ik heb met de intercom omgeroepen dat de trein geëvacueerd moest worden. Ik heb vervolgens een brandblusser gepakt en de brand geblust.”
Op de beelden van camera 1 is te zien dat op 19 augustus 2019 te 23.20 uur een persoon, gekleed in een lichte jas en donkere broek in de trein stapt. De man heeft een licht getint uiterlijk en een kaal hoofd waarbij een schaduw van korte haren te zien is.
Direct na het instappen kijkt de man naar links waar ook de camera hangt en is de man te herkennen als zijnde de [verdachte] . Te zien is dat de man een witte plastic tas en een lichtblauwe plastic tas bij zich draagt. Vervolgens is te zien dat de man het treinstel in loopt en om 23.20.54 uur vanuit de camera 1 positie naar links gaat, richting een zit gedeelte. De man is dan enige tijd uit beeld maar te 23.21.50 uur is te zien dat de man gebukt achteruit weer vanuit het zitgedeelte het gangpad in komt. Vervolgens is te zien dat de man via het gangpad weer naar de uitgang loopt waarbij hij een voorwerp in zijn rechterjaszak stopt. Daarna verlaat de man te 23.21.57 uur de trein. Ongeveer 5 seconden nadat de man het treinstel heeft verlaten is een lichtschijnsel te zien, rechts van de meest rechterstoel, vooraan op camera 2. Dit lichtschijnsel wordt langzaam groter waarna uiteindelijk te 23.22.39 uur de brand wordt ontdekt door een medewerker welke het treinstel in komt. Gedurende bovengenoemd incident zijn geen andere personen op de camerabeelden waargenomen.”