ECLI:NL:RBNHO:2020:6094
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen WOZ-waarde woning wegens juiste waardebepaling
Eiseres betwistte de vastgestelde WOZ-waarde van haar woning per 1 januari 2018 en stelde dat de waarde te hoog was vastgesteld, mede vanwege de ligging tussen oudere woningen en sociale huurwoningen die een waardedrukkende factor zou vormen. Zij overlegde een taxatierapport met een lagere waarde als onderbouwing.
Verweerder voerde aan dat de waarde correct was vastgesteld op basis van een waardematrix met vergelijkingsobjecten die beter vergelijkbaar waren qua bouwjaar, onderhoud en ligging. De rechtbank oordeelde dat de ligging weliswaar een waardedrukkende factor kan zijn, maar dat verweerder hiermee voldoende rekening had gehouden door een lagere waarde per kubieke meter toe te passen dan bij de vergelijkingsobjecten.
De rechtbank stelde vast dat het taxatierapport van eiseres minder geschikt was vanwege oudere en minder vergelijkbare referentieobjecten en het ontbreken van een duidelijke onderbouwing van de waardeherleiding. Ook de stelling van eiseres over een prijsstijging in het tweede kwartaal 2018 kon niet leiden tot verlaging van de waarde op de peildatum. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van de woning wordt ongegrond verklaard.