ECLI:NL:RBNHO:2020:6425

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
12 augustus 2020
Publicatiedatum
19 augustus 2020
Zaaknummer
HAA 20/501
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:24 AwbArt. 6:6 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken machtiging en handelsregistergegevens

Eiseres, een rechtspersoon, heeft beroep ingesteld tegen een uitspraak op bezwaar van de Belastingdienst/Douane. De rechtbank heeft vastgesteld dat de gemachtigde van eiseres, geen advocaat, niet de vereiste machtiging heeft overlegd om namens eiseres beroep in te stellen. Daarnaast ontbraken een uittreksel uit het handelsregister, statuten, een Nederlandse vertaling van het beroepschrift en een domicilieadres in Nederland.

De rechtbank heeft de gemachtigde bij aangetekende brief verzocht deze verzuimen binnen vier weken te herstellen, met de waarschuwing dat bij uitblijven van reactie het beroep niet-ontvankelijk kan worden verklaard. De gemachtigde heeft niet gereageerd en geen verontschuldiging aangevoerd.

Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting vanwege coronamaatregelen en kan binnen zes weken worden aangevochten door verzet.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet overleggen van een machtiging en handelsregistergegevens.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Zittingsplaats Haarlem
Bestuursrecht
zaaknummer: HAA 20/501

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 augustus 2020 in de zaak tussen

[X] GmbH, eiseres,

(gestelde gemachtigde: [A] ),
en

de inspecteur van de Belastingdienst/ Douane Rotterdam Breda, verweerder.

Procesverloop

Eiseres heeft bij brief van 10 december 2019, ter griffie ontvangen op 23 december 2019, tegen de uitspraak op bezwaar van verweerder van 21 november 2019 beroep ingesteld.

Overwegingen

1. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) uitspraak zonder zitting.
2. Uit het beroepschrift blijkt dat [A] niet de bedoeling heeft voor zichzelf in beroep te komen. Iemand - niet zijnde een advocaat - die namens een ander beroep instelt, moet op verzoek van de rechtbank een machtiging indienen om aan te tonen dat hij namens die ander beroep mag instellen. Dit staat in artikel 8:24, tweede lid, van de Awb. Als dat niet gebeurt, kan de rechtbank het beroep op grond van artikel 6:6 van Pro de Awb niet-ontvankelijk verklaren mits de indiener de gelegenheid heeft gehad het verzuim binnen een haar daartoe gestelde termijn te herstellen.
3. Indien de (gestelde) procespartij een rechtspersoon is, vraagt de rechtbank tevens om een uittreksel uit het handelsregister om te kunnen beoordelen of de opdracht tot het instellen van beroep bevoegd is gegeven.
4. De rechtbank heeft [A] bij aangetekende brief van 30 januari 2020 verzocht om binnen vier weken een machtiging waaruit blijkt dat hij gemachtigd is beroep in te stellen namens [X] GmbH, een uittreksel uit het handelsregister, kopie van de statuten, een kopie van het beroepschrift voorzien in de Nederlandse taal en een domicilie adres binnen Nederland over te leggen en daarmee de verzuimen te herstellen. Hierbij is vermeld dat, indien niet aan dit verzoek wordt voldaan, het beroep niet-ontvankelijk kan worden verklaard. [A] heeft niet binnen de gestelde termijn gereageerd.
5.
[A] heeft geen reden gegeven voor deze verzuimen. Er is dus niet gebleken van een verontschuldiging voor deze verzuimen.
6. Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart de beroepen niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.W. Koenis, rechter, in aanwezigheid van M. van der Elst, griffier. Deze uitspraak is gedaan op 12 augustus 2020.
Als gevolg van maatregelen rondom het coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij deze rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord. De werking van deze uitspraak wordt opgeschort totdat de termijn voor het instellen van verzet is verstreken of, indien verzet wordt ingesteld, op dat verzet is beslist.