ECLI:NL:RBNHO:2020:6680

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
24 juni 2020
Publicatiedatum
28 augustus 2020
Zaaknummer
8210279 CV FORM 19-18899
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5 lid 3 Verordening (EG) nr. 261/2004Art. 7 Verordening (EG) nr. 261/2004Art. 20 lid 2 Verordening (EG) nr. 861/2007Art. 6:119 BW
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing compensatie wegens annulering vlucht Milaan-Amsterdam door Easyjet

De passagiers hebben Easyjet aangesproken voor compensatie op grond van Verordening (EG) nr. 261/2004 vanwege de annulering van vlucht EZY 2731 van Milaan naar Amsterdam op 5 augustus 2018.

Easyjet voerde aan dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk restricties van de luchtverkeersleiding en gewijzigde slottijden, waardoor het toestel niet kon vertrekken. De rechtbank beoordeelde of deze omstandigheden buitengewoon waren en of zij de compensatieplicht konden opheffen.

De rechtbank stelde vast dat niet kon worden aangenomen dat de vertraging op de voorafgaande vlucht van Amsterdam naar Milaan doorwerkte op de vlucht Milaan-Amsterdam, mede omdat niet was vastgesteld dat hetzelfde toestel werd ingezet. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden.

Daarom wees de rechtbank de vordering tot compensatie toe, inclusief wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. De proceskosten werden eveneens aan de passagiers toegewezen. De beschikking is in het openbaar uitgesproken en tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open.

Uitkomst: Easyjet wordt veroordeeld tot betaling van compensatie en kosten aan passagiers wegens onvoldoende onderbouwd beroep op buitengewone omstandigheden.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 8210279 \ CV FORM 19-18899
Uitspraakdatum: 24 juni 2020
Beschikking in de zaak van:

1.[passagier sub 1] ,

2. [passagier sub 2],
beiden wonende te [woonplaats] ,
verzoekende partij,
verder te noemen: de passagiers,
gemachtigde: M. Weber (Aviclaim),
tegen
de rechtspersoon naar buitenlands recht
Easyjet Airline Company Limited,
gevestigd te Bedfordshire (Verenigd Koninkrijk),
verwerende partij,
verder te noemen: Easyjet,
gemachtigde: mr. J. Kumar.

1.Het procesverloop

Dit verloop blijkt uit:
  • het vorderingsformulier (formulier A), ingekomen ter griffie op 5 december 2019;
  • het antwoordformulier (formulier C), ingekomen ter griffie op 24 februari 2020;

2.De feiten

2.1.
De passagiers hebben een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan Easyjet de passagiers op 5 augustus 2018 diende te vervoeren van Milaan (Italië) naar Amsterdam-Schiphol met vlucht EZY 2731 (hierna: de vlucht).
2.2.
Volgens de planning zou de vlucht om 18:40 uur UTC uit Milaan vertrekken en om 20:30 uur UTC in Amsterdam-Schiphol arriveren.
2.3.
De passagiers hebben een Europese procedure voor geringe vorderingen ingesteld om compensatiebetaling van Easyjet te verkrijgen in verband met de annulering van de vlucht.
2.4.
Easyjet heeft geweigerd tot betaling over te gaan.

3.Het verzoek en het verweer

3.1.
De passagiers verzoeken Easyjet te veroordelen tot betaling van:
- € 500,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 augustus 2018 tot aan de dag der algehele voldoening;
- € 75,00 aan buitengerechtelijke incassokosten,
- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 4 september 2018.
3.2.
De passagiers baseren het verzoek op de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Europese Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof).
3.3.
De passagiers stellen dat Easyjet vanwege de annulering van de vlucht gehouden is compensatie te betalen conform artikel 7 van Pro de Verordening tot een bedrag van € 250,00 per persoon. Daarnaast maken de passagiers aanspraak op betaling door Easyjet van buitengerechtelijke kosten en de wettelijke rente.
3.4.
Easyjet betwist de verschuldigdheid van het verzochte en doet een beroep op buitengewone omstandigheden. Op het verweer wordt - voor zover relevant - bij de beoordeling van het geschil ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter in deze zaak bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen.
4.2.
Tussen partijen is niet in geschil dat er in beginsel een compensatieplicht op Easyjet rust vanwege de nachtelijke vertraging, dan wel annulering, van de vlucht. Dit is anders indien Easyjet kan aantonen dat de nachtelijke vertraging, dan wel annulering, het gevolg was van buitengewone omstandigheden die zij ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet kon voorkomen, zoals bedoeld in artikel 5 lid 3 van Pro de Verordening.
4.3.
Nog daargelaten dat onduidelijk is of het in de onderhavige procedure om een vertraging van een nacht of annulering van de vlucht gaat, nu Easyjet beide begrippen door elkaar gebruikt, voert Easyjet aan dat het toestel zowel op de voorafgaande vlucht van Amsterdam naar Milaan als op de onderhavige vlucht van Milaan naar Amsterdam te maken heeft gekregen met restricties van de luchtverkeersleiding. Zij licht toe dat de vlucht uitgevoerd zou worden door toestel G-EZAT (Airbus 319). Voorafgaand aan de vlucht in kwestie heeft het toestel een vlucht van Amsterdam naar Milaan uitgevoerd. Volgens de planning zou die vlucht om 16:25 uur UTC uit Amsterdam vertrekken en om 18:05 uur UTC in Milaan arriveren. Doordat het toestel gewijzigde slottijden kreeg toegewezen van de luchtverkeersleiding, kon het toestel niet op de geplande vertrektijd vertrekken. Het toestel is uiteindelijk met een vertraging van 25 minuten, om 18:30 uur UTC, te Milaan gearriveerd. De door Easyjet overgelegde vluchtrapport en “flight leg information”, producties 3 en 4 bij het verweerschrift, bevestigen dit.
4.4.
Voorts heeft Easyjet aangevoerd dat toestel “G-EZAT” voorafgaand aan het vertrek van de onderhavige vlucht van Milaan naar Amsterdam tevens diverse slottijden toegewezen heeft gekregen en dat er uiteindelijk een vertrekslot van 20:57 uur UTC is toegewezen. Vervolgens is de vlucht niet uitgevoerd omdat bij uitvoering van de vlucht de nachtsluiting van Amsterdam-Schiphol geschonden zou worden, aldus Easyjet.
4.5.
De vraag die voorligt is of de annulering, dan wel vertraging van een nacht, is veroorzaakt door een buitengewone omstandigheid, die Easyjet ondanks alle redelijke maatregelen niet kon vermijden. De kantonrechter overweegt als volgt.
Een CTOT kan gezien worden als een besluit van de luchtverkeersleiding ten aanzien van een specifiek vliegtuig op een specifieke dag in de zin van overweging 15 van de Considerans van de Verordening, zodat het een buitengewone omstandigheid kan opleveren. Hierin ligt besloten dat ook in geval een dergelijk besluit van Eurocontrol zich heeft voorgedaan ten aanzien van een toestel op een voorafgaande vlucht sprake kan zijn van een buitengewone omstandigheid op de opvolgende vluchten van dat toestel.
4.6.
De kantonrechter is van oordeel dat niet aangenomen kan worden dat de vertraging op de voorafgaande vlucht (Amsterdam – Milaan) doorwerkt op de onderhavige vlucht van Milaan naar Amsterdam.
Uit de door Easyjet overgelegde productie 1 bij het verweerschrift volgt dat de onderhavige vlucht volgens planning uitgevoerd zou worden door toestel “R-SKED”.
Zonder nadere toelichting, die ontbreekt, kan niet worden vastgesteld dat desalniettemin sprake is geweest van de inzet van hetzelfde toestel. Evenmin is gesteld dat er die dag een toestelwisseling heeft plaatsgevonden dan wel op welk tijdstip dit zou zijn geschied. Uit producties 4 en 6 van het verweerschrift volgt weliswaar dat de slottijden meermaals zijn gewijzigd een toestelregistratie ontbreekt. Evenmin volgt de uiteindelijk toegewezen slottijd van 20:57 uur UTC uit het vluchtrapport van de onderhavige vlucht.
Het voorgaande in overweging nemend, kan de kantonrechter niet vaststellen dat de annulering, dan wel nachtelijke vertraging van vlucht EZY 2731, volgens haar eigen productie gepland uit te voeren met toestel ”R-SKED” is veroorzaakt door de opgelegde slottijden op de vlucht van Amsterdam naar Milaan uitgevoerd met toestel “G-EZAT”.
4.7.
Nu niet gebleken is dat er sprake is van een buitengewone omstandigheid komt de kantonrechter niet toe aan de beantwoording van de vraag of Easyjet voldoende redelijke maatregelen heeft genomen om de gevolgen van een eventuele annulering of vertraging te voorkomen. De vordering tot betaling van de hoofdsom zal worden toegewezen. De gevorderde wettelijke rente over de compensatie is als onvoldoende gemotiveerd weersproken toewijsbaar.
4.8.
De passagiers hebben een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten verzocht. Easyjet heeft dit verzoek betwist. Omdat het onderhavige verzoek geen betrekking heeft op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is, zal de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn toetsen aan de eisen zoals deze zijn geformuleerd in het rapport Voorwerk II. Voldoende aannemelijk is gemaakt dat buitengerechtelijke werkzaamheden zijn verricht en dat hiervoor door de passagiers kosten zijn gemaakt. De omvang van de buitengerechtelijke incassokosten moet worden getoetst aan de tarieven zoals vervat in het Besluit in plaats van aan de tarieven van het rapport Voorwerk II, omdat de tarieven neergelegd in voornoemd Besluit worden geacht redelijk te zijn. Omdat het verzochte bedrag niet hoger is dan het volgens het Besluit berekende tarief, zullen de verzochte buitengerechtelijke incassokosten ter hoogte van € 75,00 worden toegewezen.
4.9.
De proceskosten komen voor rekening van Easyjet, omdat deze ongelijk krijgt. De verzochte rente over de toe te wijzen proceskosten is niet toewijsbaar met ingang van 4 september 2018, omdat Easyjet ten aanzien van deze kosten dan nog niet in verzuim is, zodat aan de eisen van art. 6:119 BW Pro niet is voldaan. De verzochte rente is toewijsbaar met ingang van de datum gelegen 14 dagen na betekening van deze beschikking.
4.10.
Op verzoek van de passagiers zal een certificaat als bedoeld in artikel 20 lid 2 van Pro de Verordening (EG) nr. 861/2007 tot vaststelling van een Europese procedure voor geringe vorderingen aan deze beschikking worden gehecht.

5.De beslissing

De kantonrechter:
5.1.
veroordeelt Easyjet tot betaling aan de passagiers van € 575,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 500,00 dat bedrag vanaf 5 augustus 2018 tot aan de dag van de algehele voldoening;
5.2.
veroordeelt Easyjet tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagiers tot en met vandaag worden begroot op € 231,00 aan griffierecht en € 72,00 aan salaris gemachtigde, vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van deze beschikking tot aan de dag van de algehele voldoening;
5.3.
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open