ECLI:NL:RBNHO:2020:7205
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over onvoldoende motivering duurzaamheid arbeidsongeschiktheid WIA-uitkering
De zaak betreft een geschil over de toekenning van een WIA-uitkering aan een werknemer met een arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Verweerder kende een loongerelateerde WGA-uitkering toe, terwijl eiseres betoogt dat de werknemer volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is en recht heeft op een IVA-uitkering.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep handhaafde het primaire oordeel dat er nog behandelmogelijkheden zijn die binnen een jaar tot verbetering kunnen leiden. Eiseres stelde dat deze motivering onvoldoende was en dat de verzekeringsarts geen eigen onderzoek had verricht.
De rechtbank oordeelt dat het rapport van de verzekeringsarts bezwaar en beroep zorgvuldig tot stand is gekomen, maar dat diens motivering over de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid onvoldoende concreet en deugdelijk is. De aanname dat binnen een jaar sprake is van aanzienlijke verbetering is onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank verklaart het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd en in strijd met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel. Verweerder krijgt zes weken de tijd om het gebrek te herstellen, waarna de rechtbank een einduitspraak zal doen.
Uitkomst: Het bestreden besluit is onvoldoende gemotiveerd en verweerder krijgt zes weken om het gebrek te herstellen.