ECLI:NL:RBNHO:2020:7364
Rechtbank Noord-Holland
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroepen tegen afwijzing verzoek ambtshalve vermindering omzetbelasting niet-ontvankelijk verklaard
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van het verzoek om ambtshalve vermindering van naheffingsaanslagen omzetbelasting over de jaren 2013 en 2014. De gemachtigde, B. Schoenmaker, heeft geen advocaatstatus en diende daarom een machtiging te overleggen waaruit blijkt dat hij bevoegd is om namens eiser beroep in te stellen. De rechtbank heeft hem hierom bij aangetekende brief verzocht, met een termijn van vier weken om dit te doen en het beroepschrift persoonlijk te ondertekenen.
De brief is op 15 juni 2020 bezorgd en ondertekend ontvangen, maar er is geen reactie ontvangen van de gemachtigde. Er is geen verontschuldiging voor het niet nakomen van dit verzoek gegeven. Op grond hiervan verklaart de rechtbank de beroepen kennelijk niet-ontvankelijk omdat niet is voldaan aan de vereisten van artikel 8:24 lid 2 en Pro artikel 6:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter M.C. van As en griffier N. Joacim op 30 september 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen. Tegen deze uitspraak staat binnen zes weken verzet open.
Uitkomst: De beroepen tegen de afwijzing van het verzoek om ambtshalve vermindering van naheffingsaanslagen omzetbelasting zijn niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een machtiging.