ECLI:NL:RBNHO:2020:7518
Rechtbank Noord-Holland
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling bij intrekking beroep wegens niet tijdig beslissen
Eiser heeft op 24 februari 2020 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag van 16 juli 2019 voor uitstroom uit de opvang via een contingent woning of begeleid wonen. Verweerder heeft alsnog op 5 maart 2020 op de aanvraag beslist, waarna eiser het beroep op 17 maart 2020 heeft ingetrokken.
Tegelijk met de intrekking heeft eiser verzocht om een proceskostenveroordeling van verweerder op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend en partijen hebben geen zitting verzocht, waarna de rechtbank het onderzoek heeft gesloten.
De rechtbank oordeelt dat het beroep terecht is ingetrokken omdat verweerder geheel aan het beroep tegemoet is gekomen. De rechtbank wijst het verzoek tot proceskostenveroordeling toe en bepaalt de kosten op € 262,50 voor rechtsbijstand en € 48,- griffierecht. De rechtbank veroordeelt verweerder tot vergoeding van deze proceskosten.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 262,50 en griffierecht van € 48,-.