ECLI:NL:RBNHO:2020:8070
Rechtbank Noord-Holland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid Openbaar Ministerie wegens overlijden verdachte in moordzaak
Deze strafzaak betrof ernstige tenlasteleggingen waaronder moord, voorbereiding van moord, bezit van vuurwapens en deelname aan een criminele organisatie. Verdachte werd ervan beschuldigd betrokken te zijn bij meerdere moorden en voorbereidingen daartoe in Amsterdam en omgeving in 2014.
Tijdens de procedure heeft het Openbaar Ministerie het verzoek ingediend om niet-ontvankelijk verklaard te worden in de vervolging van verdachte, omdat verdachte op 11 februari 2020 in een penitentiaire inrichting in Spanje is overleden. Dit werd bevestigd door een autopsierapport van het Instituto de Medicina Legal Alicante.
De rechtbank oordeelde dat ingevolge artikel 69 Wetboek Pro van Strafrecht het recht tot strafvordering is vervallen door het overlijden van verdachte. Daarom werd het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard zonder inhoudelijke beoordeling van de tenlasteleggingen. Tevens werd het bevel tot voorlopige hechtenis van verdachte opgeheven.
De uitspraak vond plaats op 16 september 2020 door de meervoudige strafkamer van de Rechtbank Noord-Holland te Haarlemmermeer. De zittingen waren eerder gehouden op 13 januari en 3 februari 2020.
Uitkomst: Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard wegens overlijden verdachte; voorlopige hechtenis opgeheven.