ECLI:NL:RBNHO:2020:8583
Rechtbank Noord-Holland
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens tegemoetkoming Belastingdienst
Eiseres had bezwaar gemaakt tegen informatiebeschikkingen van de Belastingdienst met betrekking tot navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2015 en 2016. Na gedeeltelijke afwijzing en vernietiging van de informatiebeschikkingen door de rechtbank, stelde eiseres beroep in tegen deze uitspraken. De Belastingdienst heeft vervolgens verzocht het beroep in te trekken, waarna eiseres dit beroep daadwerkelijk introk en tegelijkertijd verzocht om proceskostenvergoeding op grond van artikel 8:75a Awb.
De rechtbank constateerde dat het beroep was ingetrokken omdat de Belastingdienst aan eiseres tegemoet was gekomen. Verweerder voerde aan dat het beroep samenhing met soortgelijke procedures van de echtgenoot van eiseres, waarbij dezelfde gemachtigde betrokken was en de werkzaamheden nagenoeg identiek waren. De rechtbank achtte dit relevant voor de hoogte van de proceskostenvergoeding.
De rechtbank wees het verzoek tot proceskostenvergoeding toe en stelde de vergoeding vast op € 262,50, de helft van het bedrag dat normaal voor de procedure zou worden toegekend vanwege de samenhang met andere zaken. Tevens werd het door eiseres betaalde griffierecht van € 48 vergoed. De uitspraak werd gedaan door rechter M.C. van As op 30 oktober 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Belastingdienst tot vergoeding van € 262,50 aan proceskosten en € 48 aan griffierecht aan eiseres.