Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het procesverloop
2.De verdere beoordeling
3.De beslissing
griffierecht € 119,00
salaris gemachtigde € 180,00
Rechtbank Noord-Holland
Airhelp vordert compensatie namens een passagier wegens een vluchtvertraging van meer dan drie uur op de eindbestemming Sevilla. TAP stelt dat de vertraging het gevolg is van een buitengewone omstandigheid, namelijk een later vertrekslot (CTOT) toegewezen door de luchtverkeersleiding.
De rechtbank oordeelt dat de CTOT een buitengewone omstandigheid vormt en dat de vertraging van 23 uur en 5 minuten op de eindbestemming langdurig is. TAP heeft echter niet voldoende aangetoond dat zij alle redelijke maatregelen heeft genomen om de vertraging te voorkomen, zoals het aanbieden van een eerdere alternatieve vlucht.
De rechtbank wijst de vordering tot betaling van de compensatie en wettelijke rente toe vanaf de datum van de vlucht. De vordering tot buitengerechtelijke incassokosten en vertaalkosten wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Proceskosten worden toegewezen aan Airhelp, met uitzondering van vertaalkosten en explootkosten die niet zijn aangetoond.
Uitkomst: TAP wordt veroordeeld tot betaling van €400 compensatie met wettelijke rente vanaf 8 juli 2017.