ECLI:NL:RBNHO:2021:10085
Rechtbank Noord-Holland
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot plaatsing op andere functie en proceskostenveroordeling
Verzoeker heeft bij verweerder een aanvraag ingediend om geplaatst te worden op een andere functie dan de ambtenaar opgedragen, welke is afgewezen in het primaire besluit van 11 augustus 2020. Het bezwaar tegen deze afwijzing is ongegrond verklaard in het besluit van 29 januari 2021. Verzoeker stelde beroep in tegen dit bestreden besluit.
Verweerder heeft op 24 juni 2021 een functioneringstoelage toegekend aan verzoeker vanwege zijn werkzaamheden als HOvJ en zijn goede functioneren. Verzoeker trok daarop het beroep in, maar verzocht alsnog om vergoeding van proceskosten. Verweerder stelde dat de toekenning van de functioneringstoelage losstaat van het verzoek tot plaatsing op een andere functie en dat het beroep daarom niet is gehonoreerd.
Verzoeker verwees naar een advies van de bezwaaradviescommissie waarin werd gesteld dat sprake was van een onwenselijke situatie die beëindigd moest worden zonder financieel nadeel voor verzoeker. Verweerder stelde dat met het bestreden besluit en de afspraken over het loopbaanpad al aan dit advies was voldaan en dat de functioneringstoelage een financiële tegemoetkoming betreft voor de waarneming als HOvJ, niet voor de gevraagde functiewijziging.
De rechtbank oordeelt dat verweerder niet is tegemoetgekomen aan het beroep van verzoeker en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek om vergoeding van de proceskosten af omdat verweerder niet is tegemoetgekomen aan het beroep.