ECLI:NL:RBNHO:2021:10363

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
8 november 2021
Publicatiedatum
17 november 2021
Zaaknummer
HAA 21/2484
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens niet-betaling griffierecht gegrond verklaard

Opposant stelde beroep in tegen een uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van de gemeente Zaanstad. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was voldaan. Opposant stelde verzet in tegen deze beslissing.

De rechtbank beoordeelt in het verzet uitsluitend of het buiten-zitting vonnis terecht was. Opposant betoogde dat de rechtbank een onjuist huisnummer had gebruikt, waardoor hij geen correspondentie ontving. De rechtbank erkent dat een onjuist adres is gebruikt in eerdere correspondentie, waardoor het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk werd verklaard.

De rechtbank verklaart het verzet gegrond, waardoor de eerdere uitspraak vervalt en het onderzoek wordt hervat. Opposant krijgt de gelegenheid alsnog het griffierecht te betalen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en de procedure wordt hervat met gelegenheid tot betaling van het griffierecht.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Zittingsplaats Haarlem
Bestuursrecht
zaaknummer: HAA 21/2484 V

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 8 november 2021 op het verzet van

[opposant] , te [woonplaats] , opposant.

Procesverloop

Opposant heeft bij brief van 26 mei 2021 beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van de gemeente Zaanstad van 17 mei 2021.
Bij uitspraak van 13 september 2021 heeft de rechtbank dat beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Opposant heeft tegen deze uitspraak verzet ingesteld.

Overwegingen

1. De rechtbank heeft in de beroepszaak uitspraak gedaan zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht biedt die mogelijkheid als het eindoordeel buiten redelijke twijfel staat. De rechtbank heeft het beroep kennelijk niet-ontvankelijk geacht. De reden hiervoor is dat opposant niet binnen de gestelde termijn het verschuldigde griffierecht zou hebben voldaan.
2. In deze verzetzaak beoordeelt de rechtbank uitsluitend of zij in de buiten-zittinguitspraak terecht heeft geoordeeld dat buiten redelijke twijfel is dat het beroep niet-ontvankelijk is.
3. Opposant voert tegen de uitspraak van de rechtbank aan dat de rechtbank een onjuist huisnummer heeft gebruikt, nummer [# 1] in plaats van nummer [# 2] . Het kan niet waar zijn dat hij volgens de Basisregistratie personen op dat adres stond ingeschreven want dat adres bestaat niet. Opposant heeft nooit enige correspondentie van de rechtbank ontvangen.
4. De rechtbank overweegt dat zij in haar eerdere correspondentie, zoals opposant in verzet heeft gesteld, een onjuist adres van opposant heeft gebruikt. Het beroep had dan ook niet vereenvoudigd afgedaan mogen worden. De rechtbank zal het verzet daarom gegrond verklaren. Dit betekent dat de buiten-zittinguitspraak vervalt en de rechtbank het onderzoek hervat in de stand waarin dat zich bevond voordat die buiten-zittinguitspraak werd gedaan. Opposant zal in de gelegenheid worden gesteld alsnog het verschuldigde griffierecht te betalen.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het verzet gegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.K.A. Efstratiades, rechter, in aanwezigheid van
A.C. Karels, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 8 november 2021.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.