Uitspraak
- i) artikel 13, 26 en 27 van de Wet wapens en munitie (kapmes, boksbeugels, munitie en CS-gas),
- ii) artikel 14 DHW Pro en mogelijk artikel 36 van Pro de Wet op de kansspelen (loterijspullen),
- iii) artikel 321 van Pro het Wetboek van Strafrecht (Sr) (ID-bewijzen en rijbewijzen),
- iv) artikel 2 of Pro 3 van de Opiumwet (hard drugs),
- v) artikel 225 Sr Pro (valse politielegitimatiebewijzen).
- verklaart het beroep gegrond
- vernietigt het bestreden besluit doch uitsluitend voor zover het de hoogte van de door verweerder verschuldigde dwangsom vanwege het niet tijdig beslissen op het bezwaar betreft;
- stelt de door verweerder verschuldigde dwangsom vast op € 1.082,-;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het bestreden besluit voor zover dat is vernietigd;
- bepaalt dat verweerder aan eiser het door hem betaalde griffierecht van € 174,- vergoedt;