Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.[passagier sub 1]
[passagier sub 2]
3. [passagier sub 3]
4. [passagier sub 4]
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De vordering
- € 3.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 29 juni 2018 tot aan de dag der algehele voldoening;
- € 544,50, althans € 514,25 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;
- de proceskosten en de nakosten;
- een certificaat als bedoeld in artikel 53 herziene Pro EEX-Verordening 1215/2012.
4.Het verweer
5.De beoordeling
regulationswas ingesteld voor de luchthaven van Londen, maar hiervan heeft hij geen stukken overgelegd.
Omdat het primair gevorderde bedrag hoger is dan het volgens het Besluit berekende tarief, zullen de subsidiair gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen.
De gevorderde rente over de buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen, omdat niet is gesteld of gebleken dat deze kosten daadwerkelijk zijn betaald.
6.De beslissing
griffierecht € 236,00;
salaris gemachtigde € 436,00;
;