Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2021:10861

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
27 augustus 2021
Publicatiedatum
26 november 2021
Zaaknummer
9310698
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 7:18 AwbArt. 14 WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen snelheidsovertreding buiten de bebouwde kom ongegrond verklaard

Betrokkene is beboet voor het rijden met een snelheid van 91 km/u waar 80 km/u is toegestaan op een weg buiten de bebouwde kom. Tegen deze administratieve sanctie is beroep ingesteld bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens is beroep ingesteld bij de kantonrechter.

Betrokkene voerde aan dat de snelheidsmeting twijfelachtig was omdat de verklaring van onderzoek van het meetapparaat ouder dan een jaar was en dat een ijkrapport ontbrak. De kantonrechter overwoog dat het zaakoverzicht en een eventuele foto van de overtreding voldoende zijn voor het administratief beroep en dat een ijkrapport alleen nodig is als er redelijke twijfel bestaat over de meting.

De kantonrechter concludeerde dat de verklaring van onderzoek van de gebruikte Jenoptik Multaradar CT betrouwbaar en actueel was, mede gelet op een verklaring op de website van de politie. Er was geen reden om aan de juistheid van de meting te twijfelen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenvergoeding werd afgewezen.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens snelheidsovertreding is ongegrond verklaard en de boete blijft gehandhaafd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 9310698 \ WM VERZ 21-297
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 27 augustus 2021
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]
gemachtigde : Appjection B.V. (M. Lagas)

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 27 augustus 2021. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. De gemachtigde van betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft na de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: 11 km per uur harder rijden dan mag op een (auto)weg buiten de bebouwde kom.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
De gegevens waarop de ambtenaar zich bij de oplegging van de sanctie heeft gebaseerd, zijn opgenomen in het zaakoverzicht. Dit zaakoverzicht bevat de informatie die in de inleidende beschikking is vermeld en daarnaast onder meer de volgende gegevens:
"De werkelijke snelheid stelde ik vast m.b.v. een voor de meting getest, goedgekeurd en op de voorgeschreven wijze gebruikt snelheidsmeetmiddel.
Gemeten (afgelezen) snelheid : 94 km per uur.
Werkelijke (gecorrigeerde) snelheid : 91 km per uur.
Toegestane snelheid : 80 km per uur.
Overschrijding met : 11 km per uur.
(…)
Soort snelheidsmeetmiddel: Radar
Merk : Jenoptik
type: Multaradar CT
Merk van het voertuig: Mercedes Benz
Type van het voertuig: (…) Vito (…)"
Gemachtigde van betrokkene voert aan dat er twijfel is aan de gedane meting, omdat de verklaring van onderzoek met betrekking tot de meetapparatuur meer dan een jaar oud is. De officier van justitie had een ijkrapport moeten aanleveren.
Artikel 7:18, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) voorziet specifiek voor belanghebbenden in een recht om gedurende het administratief beroep de op de zaak betrekking hebbende stukken op te vragen bij het beroepsorgaan. Het gaat daarbij om stukken die nodig zijn om een boete op basis daarvan aan te vechten. Naar het oordeel van het hof moet in een zaak als deze daaronder worden begrepen het zaakoverzicht en een eventuele foto van de gedraging. Andere documenten, zoals een ijkrapport, hoeven geen deel uit te maken van het dossier. Dat is slechts anders indien redelijkerwijs twijfel bestaat over de aspecten waarop die informatie betrekking heeft (vgl. het arrest van het hof van 17 oktober 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:8247 en 7 juli 2021, ECLI:NL:GHARL:2021:6583).
De stelling dat de verklaring van onderzoek meer dan een jaar oud is, volgt de kantonrechter niet. Op de website van de politie (
https://www.politie.nl/wob/noord-holland/mobiele-opstellingen.html) is een verklaring van onderzoek van de betreffende Multaradar te vinden gedateerd 17 februari 2020. Gelet op het voorgaande gaat de kantonrechter uit van een betrouwbare en op juiste wijze verrichte snelheidsmeting en ziet geen aanleiding om daaraan te twijfelen. De boete is dus terecht opgelegd. De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Nu het beroep ongegrond wordt verklaard ziet de kantonrechter geen aanleiding om proceskosten toe te kennen.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond;
‒ wijst het verzoek op vergoeding van de proceskosten af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. I.H. Lips, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: