Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2021:10870

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
29 oktober 2021
Publicatiedatum
26 november 2021
Zaaknummer
9442774
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond verklaard tegen boete wegens overtreden geslotenverklaring

Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het rijden in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen. Hiertegen stelde betrokkene beroep in bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond of niet-ontvankelijk verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.

Op de zitting was de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig, maar betrokkene verscheen niet. Uit het dossier, met name de verklaring van de verbalisant, bleek voldoende bewijs voor de overtreding. Betrokkene erkende de gedraging, maar voerde aan onjuist geïnformeerd te zijn door Parkeerservice dat een bezoekerspas volstond, terwijl ook een ontheffing vereist was.

De kantonrechter oordeelde dat deze stelling niet werd ondersteund door bewijs en dat het ontbreken van betrokkene op de zitting om nadere toelichting te geven, het verweer niet versterkte. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd.

De uitspraak werd op 29 oktober 2021 gedaan door kantonrechter B. Voogd in Alkmaar. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, onder voorwaarden en binnen zes weken na toezending.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens overtreden geslotenverklaring wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 9442774 \ WM VERZ 21-467
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 29 oktober 2021
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 29 oktober 2021. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: als bestuurder handelen in strijd met geslotenverklaring in beide richtingen.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken die zich in het dossier bevinden – met name uit de verklaring van de verbalisant – voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Betrokken heeft de gedraging ook erkend, maar beroept zich op de omstandigheden van het geval. Van Parkeerservice had betrokkene vernomen dat zij met een bezoekerspas de geslotenverklaring in mocht rijden. Later bleek dat zij ook een ontheffing moest hebben. De stelling van betrokkene dat zij door Parkeerservice onjuist is geïnformeerd is niet ondersteund door enige vorm van bewijs. Nu betrokkene ook niet ter zitting is verschenen om een nadere toelichting te geven, is er geen aanleiding om dit verweer te volgen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B. Voogd, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: