ECLI:NL:RBNHO:2021:11048

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
4 juni 2021
Publicatiedatum
1 december 2021
Zaaknummer
9110244
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Correctie boetebedrag voor vasthouden mobiel apparaat op de fiets

Betrokkene kreeg een boete van €240 opgelegd voor het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden. Betrokkene was het hier niet mee eens en stelde beroep in. Tijdens de zitting op 4 juni 2021 erkende betrokkene de gedraging, waardoor deze vaststond. Vervolgens werd vastgesteld dat het opgelegde boetebedrag onjuist was, omdat betrokkene op een fiets reed en het correcte boetebedrag €95 had moeten zijn.

De kantonrechter verklaarde het beroep gedeeltelijk gegrond en wijzigde het boetebedrag naar €95, met handhaving van de administratiekosten. Tevens werd bepaald dat de officier van justitie het reeds betaalde bedrag als zekerheidstelling aan betrokkene moest terugbetalen.

De uitspraak werd openbaar gedaan door kantonrechter B. Voogd. Betrokkene kan tegen deze uitspraak binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, mits het boetebedrag hoger is dan €70. Het hoger beroep vindt schriftelijk plaats, tenzij mondelinge behandeling wordt verzocht.

Uitkomst: Het boetebedrag wordt gewijzigd van €240 naar €95 met handhaving van administratiekosten en terugbetaling van zekerheidstelling.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 9110244 \ WM VERZ 21-112
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 4 juni 2021
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 4 juni 2021. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ook verschenen De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat vasthouden.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
Betrokkene heeft de gedraging erkend, zodat deze is komen vast te staan. Terecht merkt betrokkene op dat er een onjuist boetebedrag is opgelegd. Betrokkene was op de fiets en heeft een boetebedrag opgelegd gekregen van € 240,00 terwijl dit € 95,00 moest zijn. De kantonrechter zal dan ook het boetebedrag wijzigen in € 95,00.

De uitspraak

De kantonrechter:
 verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;
 wijzigt inleidende beschikking, in die zin dat als boetebedrag € 95,00 wordt vermeld (met handhaving van de administratiekosten);
 bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B. Voogd, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: