ECLI:NL:RBNHO:2021:11062

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
4 mei 2021
Publicatiedatum
1 december 2021
Zaaknummer
9033695
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond verklaard wegens onjuiste parkeerschijfinstelling bij blauwe streep

Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens het parkeren bij een blauwe streep terwijl de parkeerschijf niet op het juiste tijdstip was ingesteld. Betrokkene stelde beroep in tegen deze boete, maar de officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.

Op de zitting was de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig, betrokkene verscheen niet. De kantonrechter baseerde zich op de verklaring van de verbalisant en foto’s waarop te zien was dat de parkeerschijf op half 5 stond terwijl de constatering om half 4 was gedaan. Betrokkene erkende de gedraging.

Betrokkene voerde aan dat het mogelijk een vergissing was, maar de kantonrechter oordeelde dat deze fout voor rekening van betrokkene komt omdat de parkeerschijf bij aanvang van het parkeren correct moet worden ingesteld om controle mogelijk te maken. De boete is wettelijk vastgesteld en er was geen reden tot matiging. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard.

Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de boete blijft in stand.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknummer : 9033695 \ WM VERZ 21-48
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 4 mei 2021
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 4 mei 2021. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: parkeren bij blauwe streep terwijl op parkeerschijf niet juiste tijdstip begin parkeren is weergegeven.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken die zich in het dossier bevinden – met name uit de verklaring van de verbalisant en de foto’s – voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Op de foto’s is zichtbaar dat de schijf stond ingesteld op half 5 terwijl de gedraging is geconstateerd om half 4. Betrokkene heeft de gedraging dan ook erkend, zodat deze is komen vast te staan.
Betrokkene beroept zich op de omstandigheid dat hij mogelijk per ongeluk het tijdstip op de schijf verkeerd had ingesteld. Deze vergissing dient naar het oordeel van de kantonrechter voor rekening van betrokkene te blijven. Een parkeerschijf dient bij aanvang van parkeren juist te worden ingesteld, omdat het anders oncontroleerbaar is. De boete is dus terecht opgelegd.
De hoogte van de boetes is wettelijk vastgesteld in de bijlage bij de WAHV. Er is naar het oordeel van de kantonrechter geen reden om de boete te matigen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: