Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 december 2021 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heiloo, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
inzage en afschrift(deze en volgende cursiveringen zijn van de rechtbank) van de ten aanzien van haar en haar dochter geregistreerde gegevens in de verwijsindex. Van een verzoek om
wissingzoals bedoeld in artikel 17 AVG Pro was op dat moment geen sprake.
verwijderingvan een melding uit de verwijsindex door een meldingsbevoegde en een
wissingals bedoeld in artikel 17 van Pro de AVG van persoonsgegevens door een verwerkingsverantwoordelijke.
verwijderenvan meldingen uit de verwijsindex. In het bestreden besluit duidt verweerder het primaire besluit van 3 juni 2019, zoals nadien herzien op 22 oktober 2019, als besluiten waarbij hij heeft besloten tot het verwijderen van meldingen uit de verwijsindex naar aanleiding van een door eiseres gedaan verzoek daartoe.
primairebesluit is invulling gegeven aan een wissingsverzoek op grond van de AVG en het is verder aan eiseres om te beoordelen of dit besluit aan haar verzoek tegemoetkomt in die zin dat, zoals in artikel 17 AVG Pro is gesteld, zonder onredelijke vertraging wissing is verkregen van hetgeen eiseres gewist wenst, en indien dat niet het geval is daartegen dan desgewenst bezwaar te maken. Dit besluit biedt genoemde rechtsingang voor een verdere beoordeling indien daarvoor aanleiding is. De bevoegdheid om over dit primaire besluit te oordelen komt de bestuursrechter in deze procedure niet toe. Gelet op deze uitkomst is er geen aanleiding om in te gaan op hetgeen partijen verder hebben aangevoerd.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit voor zover dat hiervoor in 7.1 is overwogen;
- stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de door verweerder verbeurde dwangsom vast op € 1260,- en bepaalt dat verweerder dit bedrag aan eiseres betaalt;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde gedeelte van het bestreden besluit;
- stelt vast dat verweerder aan eiseres het door haar betaalde griffierecht ten bedrage van € 181,- moet vergoeden.
drs. A.F. Hermus-Zoetmulder, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op
24 december 2021.