Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene is een bestuurlijke boete opgelegd wegens het niet op eerste vordering tonen van het rijbewijs. Hij stelde beroep in tegen de beslissing van de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Betrokkene voerde onder meer aan dat de pleegdatum onjuist was vermeld en dat zijn identiteit niet op juiste wijze was vastgesteld.
De kantonrechter stelde vast dat de pleegdatum inderdaad moest worden gecorrigeerd van 10 naar 11 april 2020 en verklaarde het beroep in zoverre gegrond. Vervolgens oordeelde de kantonrechter dat de identiteit van de bestuurder wel degelijk op een zorgvuldige wijze was vastgesteld, ondanks het ontbreken van een geldig identiteitsbewijs. Dit gebeurde aan de hand van de opgegeven naam, geboortedatum en -plaats, een foto uit de RDW die overeenkwam met de bestuurder, en eerdere contacten tussen de verbalisanten en betrokkene.
De kantonrechter concludeerde dat betrokkene degene was die de gedraging had verricht en dat de boete terecht was opgelegd. Het beroep werd voor het overige ongegrond verklaard. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter S. Slijkhuis en is openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep wordt deels gegrond verklaard voor correctie pleegdatum, maar voor het overige ongegrond; de boete blijft in stand.