ECLI:NL:RBNHO:2021:1626
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens ontbreken spoedeisend belang bij invordering dwangsom
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de gemeente Zandvoort om een dwangsom van €20.000,- in te vorderen wegens het staken van bouwwerkzaamheden. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening om de invordering te schorsen.
Tijdens de mondelinge behandeling op 28 januari 2021 werd vastgesteld dat het financiële belang van verzoeker onvoldoende spoedeisendheid oplevert voor het treffen van een voorlopige voorziening. Verzoeker had aangegeven dat het bedrag fors is en dat hij moet 'puzzelen' om te betalen, maar dit vormt geen reden voor een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter nam mee dat het om een zakelijke schuld gaat, dat verzoeker nog werkzaamheden kan verrichten ondanks de coronacrisis, en dat verzoeker al geruime tijd op de hoogte was van de mogelijke invordering.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er geen sprake is van onverwijlde spoed zoals vereist in artikel 8:81 van Pro de Awb. Tevens staat het verzoeker vrij om achteraf financiële compensatie te vorderen indien de invordering onrechtmatig blijkt. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de invordering van de dwangsom wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.