Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.[eiser1] ,
[eiser2],
[eiser3],
[eiser4],
[eiser5],
[eiser6],
[eiser7],
[eiser8],
[eiser9],
[eiser10],
[eiser11],
[eiser12],
[eiser13],
[eiser14],
[gedaagde1] , PRO SE ALS IN ZIJN HOEDANIGHEID VAN EXECUTEUR EN AFWIKKELINGSBEWINDVOERDER,
[gedaagde2],
[gedaagde3],
[gedaagde4],
[gedaagde5],
[gedaagde6],
[gedaagde7],
[gedaagde8],
[gedaagde9],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 17 juni 2020;
- het deskundigenbericht, ingekomen ter griffie op 2 november 2020;
- de conclusie na deskundigenbericht van de zijde van eisers;
- de conclusie na deskundigenbericht van de zijde van gedaagden;
- de brief van 9 december 2020 van de zijde van gedaagden;
- het rolbericht ter rolle van 9 december 2020 van de zijde van eisers
2.De verdere beoordeling
In conventie en in reconventie
3.De beslissing
7 april 2021voor akte aan de zijde van beide partijen, uitsluitend met het hiervoor onder 2.14 weergegeven doel;