Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sancties
7.Vordering van de benadeelde partij
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
een gevangenisstraf voor de duur van 30 (dertig) maanden.
gedurende een periode van 2 (twee) jaren op geen enkele wijze contact zal leggen of laten leggen met [de aangever].
1 (één) weekvoor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan. De toepassing van de vervangende hechtenis heft de verplichting ingevolge de opgelegde maatregel niet op.
[de aangever]geleden schade tot een bedrag van
€ 1.900,-, bestaande uit materiële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 8 oktober 2019 tot aan de dag der algehele voldoening, aan de benadeelde partij, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.
29 (negenentwintig) dagen gijzeling. De toepassing van de gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.