Eisers hebben gedaagde opdracht gegeven verbouwingswerkzaamheden aan hun woning uit te voeren. Er ontstond onenigheid over de omvang van de werkzaamheden en de betaling. Eisers stelden dat een richtprijs van €79.000 met een marge van 30% was overeengekomen en vorderden terugbetaling van teveel betaalde bedragen en kosten voor het afmaken van het werk door derden.
Gedaagde stelde dat geen vaste aanneemsom was afgesproken, maar dat op regiebasis werd gewerkt. De rechtbank oordeelde dat de e-mail met het genoemde bedrag onvoldoende specifiek was om als richtprijs te gelden en dat geen vaste aanneemsom was overeengekomen. Hierdoor faalden de vorderingen van eisers.
In reconventie vorderde gedaagde betaling van openstaande facturen. De rechtbank wees de vordering van gedaagde toe tot een bedrag van €18.948,76, omdat eisers onvoldoende hadden onderbouwd dat zij meer hadden betaald. Beide partijen werden veroordeeld in de proceskosten, met een uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis.