ECLI:NL:RBNHO:2021:4380
Rechtbank Noord-Holland
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over onvoldoende motivering weigering WIA-uitkering wegens medische grondslag
Eiseres, werkzaam als medewerker toezicht bij de Belastingdienst, vroeg een WIA-uitkering aan na uitval wegens psychische klachten en energetische klachten. Verweerder wees de aanvraag af op basis van medische rapporten waarin werd geconcludeerd dat eiseres niet volledig arbeidsongeschikt was volgens het Schattingsbesluit.
Eiseres stelde in beroep dat haar beperkingen werden onderschat, onderbouwd met medische informatie van het Nederlands Kenniscentrum Chronische Vermoeidheid en het CVS/ME Medisch Centrum, die ernstige problematiek en beperkingen bevestigden. De verzekeringsarts bezwaar en beroep handhaafde het standpunt dat er geen objectiveerbare medische afwijkingen waren die een volledige arbeidsongeschiktheid rechtvaardigen.
De rechtbank constateerde dat de medische motivering onvoldoende was, mede omdat de visie van de bedrijfsarts, die een discrepantie vertoonde met de verzekeringsartsen, niet voldoende was betrokken. Daarom gaf de rechtbank verweerder de gelegenheid het gebrek in het besluit binnen zes weken te herstellen en stelde zij verdere beslissingen aan.
De uitspraak betreft een tussenuitspraak waarbij het geschil over de medische beoordeling centraal staat en verdere procedurele stappen afhankelijk zijn van de herstelreactie van verweerder.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de motivering van de medische grondslag onvoldoende en geeft verweerder de gelegenheid het besluit te herstellen.