Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Procesverloop
2.Het standpunt van verzoeker
Voorts stelt verzoeker dat de rechter de AVG in overweging moest nemen en het bepaalde in artikel 160, eerste lid onder f van de Gemeente wet. Ter zitting van de wrakingskamer heeft verzoeker toegelicht dat daarmee is bedoeld dat de rechter had moeten verifieren of de namens de wederpartij verschenen advocaat bevoegd was om de wederpartij ter zitting te vertegenwoordigen.
Tot slot voert verzoeker als grond voor wraking aan dat de rechter niet professioneel is en niet onderzoekt, Dit blijkt ook uit de handelwijze van de rechter in een eerdere zaak van verzoeker.