Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
eiseres, verweerder in verzet
verder te noemen: [eiseres, verweerder in verzet]
verder te noemen: [gedaagde, eiseres in verzet]
Rechtbank Noord-Holland
In deze zaak heeft mr. J. van der Kluit, rechter en verzoeker tot verschoning, een schriftelijk verzoek ingediend om zich te mogen verschonen van de behandeling van een civiele procedure tussen twee partijen. Dit verzoek is gedaan op grond van artikel 40 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De reden voor het verzoek is dat de zaak onderdeel is van een omvangrijker geschil waarbij ook twee andere samenhangende zaken spelen, waarin verzoeker als rechter betrokken is. Vanwege deze samenhang en de reeds gevoerde mondelinge behandeling in die zaken, meent verzoeker dat er een objectief gerechtvaardigde vrees bestaat dat zijn onpartijdigheid in de onderhavige zaak zou kunnen worden geschaad.
De verschoningskamer heeft het verzoek beoordeeld en geoordeeld dat een zitting niet noodzakelijk is. Op basis van de feiten en omstandigheden is vastgesteld dat de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd is en dat het verzoek tot verschoning daarom moet worden toegewezen.
De beslissing is dat het verzoek wordt toegewezen, dat de griffier onverwijld een gewaarmerkt afschrift van deze beslissing aan verzoeker en partijen moet toezenden, en dat de hoofdzaak verder zal worden behandeld door een andere rechter, die door de voorzitter van het team Handel te Haarlem zal worden aangewezen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen wegens objectief gerechtvaardigde vrees voor schade aan de rechterlijke onpartijdigheid.