Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De zaak in het kort
2.De procedure
3.Feiten
4.Het geschil
in conventie
5.De beoordeling in conventie en reconventie
3.540,00(2 punten × tarief V € 1.770,00)
Rechtbank Noord-Holland
Eiser en gedaagde sloten in 2011 een overeenkomst waarbij gedaagde de kudde runderen van eiser zou verzorgen tegen vergoeding. Vanaf 2016 verkocht en slachtte gedaagde zonder uitdrukkelijke toestemming van eiser meerdere runderen, wat eiser aansprakelijk stelde voor de geleden schade.
De rechtbank stelt vast dat eiser altijd eigenaar bleef en dat gedaagde geen toestemming had om de dieren te verkopen of te slachten. Hierdoor is sprake van tekortkoming en aansprakelijkheid van gedaagde. De schadevergoeding wordt vastgesteld op € 96.859,08, gebaseerd op een deskundigenrapport en het verschil tussen vermoedelijke waarde en gerealiseerde opbrengst.
De vordering van gedaagde tot betaling van verzorgingskosten wordt afgewezen omdat hij de overeenkomst niet heeft opgezegd en bewust geen facturen meer stuurde. Ook de vorderingen tot vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten en onrechtmatig beslag worden afgewezen of niet toegewezen.
De rechtbank veroordeelt gedaagde tot betaling van de schadevergoeding, beslagkosten en proceskosten aan eiser, met wettelijke rente, en wijst de reconventionele vorderingen van gedaagde af.
Uitkomst: Gedaagde is aansprakelijk voor de schade door verkoop en slacht van runderen zonder toestemming en veroordeeld tot betaling van € 96.859,08 met rente en kosten.