ECLI:NL:RBNHO:2021:5665
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs ontucht met minderjarige in molen te Zaandijk
Op 2 juli 2018 bezocht een Amerikaanse familie de molen te Zaandijk waar verdachte als molenaar werkte. Verdachte werd beschuldigd van ontuchtige handelingen met een toen minderjarig meisje, waaronder betasten en vastpakken. Het slachtoffer deed hiervan aangifte en deed een verklaring af die consistent was met eerdere uitlatingen.
De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van vier maanden waarvan twee voorwaardelijk. De verdediging betwistte de aantijgingen en stelde dat het bewijs onvoldoende was, met name vanwege het ontbreken van steunbewijs bij de verklaring van het slachtoffer.
De rechtbank oordeelde dat hoewel de verklaring van het slachtoffer betrouwbaar leek, deze onvoldoende werd ondersteund door ander bewijs. De emotionele reactie van verdachte en het feit dat hij alleen met het meisje in de molen was geweest, vormden geen voldoende steunbewijs. Daarom werd verdachte vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten.
Daarnaast werd een vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf afgewezen, omdat verdachte vrijgesproken werd in deze zaak.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van ontucht met minderjarige.