Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[verzoekster] , te [woonplaats] , verzoekster(gemachtigde: mr. A.C. Mens),
(gemachtigde: mr. R.H. Vossebeld).
Rechtbank Noord-Holland
Verzoekster, een Nederlandse die in november 2020 vanuit Egypte naar Nederland kwam, diende op 3 december 2020 een aanvraag om bijstand in. Het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer wees deze aanvraag af vanwege onduidelijkheid over haar financiële situatie en levensonderhoud in de periode voorafgaand aan haar komst naar Nederland.
Verzoekster gaf een plausibele verklaring over haar verblijf en levensonderhoud in Egypte, ondersteund door de stukken die zij redelijkerwijs kon overleggen, waaronder een huurcontract en een Egyptisch identiteitsbewijs. Zij verklaarde dat zij door haar moeder werd onderhouden en geen erfenis had ontvangen. De voorzieningenrechter achtte het bezwaar van verzoekster kansrijk en concludeerde dat zij voldoende aannemelijk had gemaakt dat zij in Egypte verbleef en geen vermogen had opgebouwd.
De voorzieningenrechter besloot daarom het verzoek tot voorlopige voorziening toe te wijzen, waarbij het college wordt bevolen voorschotten te verstrekken ter hoogte van 90% van de alleenstaandennorm vanaf 30 april 2021. Tevens werd het besluit tot terugvordering geschorst en verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verzoekster.
Uitkomst: Verzoek tot voorlopige voorziening toegewezen en voorschotten bijstand toegekend met schorsing terugvordering.